woensdag 12 juni 2013

Herend porselein


Herend is een plaats in Hongarije, op 15 km ten westen van Veszprém. Het ligt in de heuvels van het Badascony-gebergte. Het bekende Hongaarse porselein Herend werd opgericht in 1826 door Vince Stingl als een aardewerkfabriek. Stingl had voortdurend te kampen met een gebrek aan kapitaal en ging verschillende keren failliet. Tot de fabriek in handen kwam van zijn schuldeiser Mór Fischer. Hij is degene die de naam en faam van Herend als leverancier van verfijnd porselein gevestigd heeft. Kort na zijn overname voerde de fabriek de lijst aan van grootste bedrijven in het graafschap Veszprém. Herend is wereldberoemd vanwege zijn kostbare en fraai bewerkte voorwerpen van porselein. Er is een museum waar de paradestukken - 15.000 verschillende vormen over de laatste 160 jaar - te zien zijn. De fabriek levert op bestelling voor meestal buitenlandse vorsten, staatshoofden en rijke families. In het vakantieseizoen komen bussen vol toeristen het museum bezichtigen. Herend porselein is uitgevoerd met diverse decors. Het meest geliefde op de verzamelmarkt is het Herend Rothschild decor (RO-decor). Een fijn en kleurrijk decor van handbeschilderde planten, bloemen, vogels en vlinders in fraaie uitvoering. Veel voorkomend zijn de decors die uitgevoerd zijn in drie kleuren, Herend Apponyi Vert - Bouquet Green (AV-decor), het Herend Apponyi Purple - Bouquet Raspberry en Herend Apponyi Orange - Bouquet Rust (AOG-decor), Daarnaast is er nog het decor "Fleur des Indes", een prachtig boeket van bloemen die gestoken zijn in een bloemmand. Herend weet met de productie van gebruiks- en sierporselein een juiste combinatie te maken tussen functionaliteit en uitstraling. Met de kwaliteit die zij maken, kunnen de Hongaren beslist evenaren met het Meissen porselein. Vandaag de dag exporteert Herend zijn porselein naar 58 landen, verspreid over de hele wereld. De belangrijkste markten zijn de Verenigde Staten, Japan, Italië en het oudste veilingbedrijf van Gelderland.

Goebel Hummel



Op het platteland in Beieren groeide een getalenteerd meisje op - een meisje met de naam Berta Hummel. Een vrolijk kind vol eigenzinnigheid. De familie woonde in het kleine dorpje Massing, boven de familiale winkel. Het dorp met straten vol leven was een plaats van betovering voor een oplettend kind. En deze Beierse buiten taferelen werden een deel van Berta's leven. Een vroeg en uitzonderlijk artistiek talent kwam tot bloei. Berta's streng katholiek onderwijs begon op zesjarige leeftijd. Toen ze 12 jaar was, kreeg Berta een leraar aanbevolen aan het Instituut Zusters van het Engels, Marienhoehe. Dit betekende een 35 km lange reis. Dit internaat was een uitstekende plek voor Berta om haar artistieke opleiding te beginnen. Op Marienhoehe, werd de kunst van Berta aangemoedigd, getemperd met strenge discipline en een vleugje van religieuze inspiratie. Het duurde niet lang, of de idyllische dagen op Marienhoehe kwamen ten einde. Berta was een jonge vrouw van 18, klaar om haar weg te maken in de wereld. Er werd besloten dat voor de verdere ontwikkeling van haar talent een professionelere sfeer nodig was dan dat wat het landelijke Beieren haar kon bieden en ze ging naar München. Op de Academie voor Toegepaste Kunsten, studeerde Berta op de traditionele manier - anatomie, portretten, stillevens, landschappen. Berta was bevriend met twee Zusters Franciscanessen - Laura en Kostka - die waren naar München gekomen om haar een opleiding te geven als kunstleerkracht. Berta groeide heel dicht tot deze vrienden. In het voorjaar van 1931, studeerde Berta Hummel af als de top van haar klas. Na haar afstuderen trad Berta toe tot het klooster van Siessen, vastbesloten om haar leven en haar kunst te wijden ten dienste van God. Als een nieuwkomer moest Berta bijna elke taak uitvoeren in het klooster, van brood bakken tot dweilen en schrobben. Ze ontwierp exquise gewaden en altaar kleren die werden genaaid in de werkplaats van het klooster. In de rust van het klooster, schilderde ze meesterlijke religieuze werken. Maar zoals altijd, bleef ze ook kinderen schetsen.
Franz Goebel, eigenaar van de gerenommeerde porseleinfirma, had een zakeninstinct dat beeldjes van kinderen een beetje vreugde konden brengen in de Duitse gezinnen in deze moeilijke tijden. Franz reisde naar München om meer te zien. Daarna maakte hij het monumentale besluit - om een lijn van beeldjes te maken op basis van de tekeningen van zuster Maria Innocentia Hummel. Een vertegenwoordiger van Goebel maakte de eerste reis naar het klooster met drie monsters van sculpturen. Hij werd goed ontvangen door Zuster Hummel en triomfantelijk teruggestuurd. Natuurlijk, moesten er een aantal afspraken gevolgd werden, maar in principe, aanvaarde het klooster van Siessen het idee. Toen iedereen tevreden was met de nieuwe lijn, vroeg Franz aan Zuster Hummel Goebel voor de productie en distributie rechten, van de beeldjes die haar naam zouden dragen. Natuurlijk zouden de royalty's gaan naar het klooster van Siessen. Een overeenkomst werd ondertekend op 9 januari 1935. Deze datum is sindsdien beschouwd als de officiële geboortedag van Hummel beeldjes. Tijdens de tweede wereldoorlog golden strenge beperkingen voor de productie van de beeldjes. Maar zodra de oorlog voorbij was, vonden de Hummel beeldjes alsmaar meer vrienden over de hele wereld. Zuster Hummel kreeg tbc en overleed op 6 november 1946 op de jonge leeftijd van 37 jaar. In de veiling van juni 2013 worden diverse objecten geveild.

donderdag 6 juni 2013

Lladro porselein



In 1953 begonnen de gebroeders Juan, José en Vicente Lladro in de buurt van Valencia (Spanje) een bedrijf. In hun eigen huis in Valencia bouwden zij een Moorse oven. Zij specialiseerden zich in het vervaardigen van aardewerken vazen maar ging enkele jaren later over in het maken van mooi pronkporselein onder invloed van de trends uit de 18e eeuw. Ze verhuisden hun onderneming in 1958 naar een pakhuis in het stadje Tavernes Blanques, waardoor ze meer ruimte kregen. `The City of Porcelain' of Porseleinen Stad werd in 1969 geopend. Hier werken nu meer dan 2.000 mensen. De broers voeren dan innovaties niet alleen in de stijl en ontwerp in, maar ook in het afvuren technieken. One-vuren is een methode waardoor de kristallijne afwerking en de pasteltoonaarden die typerend zijn voor Lladro zijn ontstaan. Ze maakten siervoorwerpen die een prachtige weergave geven van dieren en mensen in alle variaties. Dat het ooit zo'n groot succes zou worden hadden de gebroeders Lladro nooit durven dromen. Wereldwijd bleek er zoveel belangstelling dat de productielijn die grotendeels handarbeid is, sterk werd uitgebreid. In het begin kregen de beelden enkel een Spaanse naam, later werd hier de Engelse naam aan toegevoegd om zo meer bekendheid te krijgen. De verzamelaars zijn over de hele wereld te vinden. In 1988 werd zelfs in New York een museum met galerie geopend, naast het bestaande museum in Valencia. Lladro beeldjes worden in mallen gemaakt en vervolgens handmatig afgewerkt. De beeldjes worden ook genummerd en voorzien van een certificaat. Lladro beeldjes zijn te koop voor enkele tientjes tot duizenden euro's. Omdat Lladro hun modellen in beperkte oplage maakt en na een periode stopt met het vervaardigen van modellen, worden de beelden meer dan mooie sierobjecten. Het worden collector-items die vaak meer waard worden dan hun oorspronkelijke aankoopwaarde. Een van de waardevolste beeldjes is ‘Uil’, in 1986 gemaakt door de avant-garde kunstenaar Pablo Serrano. De klassieke thema´s kunnen variëren van spiritualiteit aan het gezin of de kindertijd. In 2003 is Lladro begonnen met een innovatieve esthetische lijn. Hieruit zijn collecties als "Verkeer" en "Aura" ontstaan. Het Re-Cyclos project in 2005 waar belangrijke ontwerpers zoals Culdesac originele kronen uit kerstornamenten creëert. In 2006 haalde Lladro de designer Jaime Hayon aan boord die nu de artistiek leider van het merk is geworden. De echte liefhebbers kunnen lid worden van De Colletor´s Society. Deze presenteert jaarlijks een 'annual sculpure' prachtige beelden van bijzonder kwaliteit. Dit werd omgezet in Lladro Privilige, een klantenprogramma met een service concept gebaseerd op een speciale behandeling van Lladro liefhebbers.
Grote collectie in de veiling van 17 juni 2013 bij Derksen Veilingbedrijf.

zondag 5 mei 2013

A J Zwart


Adrianus Johannes Zwart is in 1903 op 30 augustus geboren te Rijswijk. Arie’s ouders, die een winkel hadden, motiveerden hem niet echt om te gaan schilderen, hij moest in de ogen van vader Zwart een “vak” gaan leren. In de loop van de tijd kregen zijn ouders toch in de gaten dat in het schilderen zijn liefde en daarmee zijn leven lag. Arie maakte steeds meer werken en dat leidde tot wat meer erkenning van het werk van hun zoon. Zijn eerst schilderij stamt uit 1915. Het jaar daarvoor won Arie een doos schildersmaterialen plus een wekelijks bezoek aan de schilder Otto Kriens om zijn werk te laten beoordelen. Later volgde hij twee jaar lessen aan de Academie voor Beeldende Kunsten in Den Haag. De stijl van zijn vroege werk doet denken aan de Haagse School. Deze was rond 1915 al over haar hoogtepunt heen. Later werd zijn stijl losser, er kwam wat meer impressionisme in. In 1926 trad hij in het huwelijk met Lenie en was hij voor zijn levensonderhoud geheel op de inkomsten uit zijn werk als schilder aangewezen. Hij was zeer productief. Hij reisde veel door Nederland, eerst alleen, later met zijn gezin in een verbouwde verhuiswagen. In 1936 werd deze vervangen door een speciaal voor Zwart gebouwde woonboot, “De trekschuit”, die betaald werd uit een erfenis die Arie had ontvangen. De boot trok altijd veel bekijks omdat er op het dek altijd bloemen stonden die meegenomen werden. Ook deze bloemen waren een thema dat Arie veelvuldig gebruikte in zijn werken. Met deze woonboot ging hij weer reizen: eerst richting Gorinchem, vervolgens via Nijmegen en Arnhem over de IJssel naar Hattem. Ook werd over de Maas koers gezet naar Namen. ’s Winters lag De Trekschuit in Meppel. Door contacten met de Meppeler schilders ging Zwart over tot het gebruik van lichtere kleuren. De donkere landschappen en interieurs maakten plaats voor een lichter palet met losse penseelvoering. Arie reisde ook veel naar onder andere Spanje en Frankrijk om ook daar te schilderen. In 1974 is hij met vrouw in het Rosa Spier Huis (Laren) gaan wonen. Zwart stierf in Laren op 27 augustus 1981. In de veiling van 6 mei 2013, 2 werken van deze meester.

zaterdag 4 mei 2013

Andy Warhol


 
De op 6 augustus 1928 geboren Andy Warhol was een Amerikaans kunstenaar, filmregisseur en auteur. Vanuit zijn achtergrond en ervaring in de toegepaste kunst was Warhol één van de protagonisten van de popart in de Verenigde Staten in de jaren 50 en 60. Warhol is vooral beroemd om zijn 'vlakke' en contrastrijke schilderijen en zeefdrukken van verpakte producten en alledaagse objecten zoals Campbell's-soepblikken, bloemen en de banaan op de cover van het album The Velvet Underground & Nico (1967), als ook voor zijn gestileerde portretten van 20e-eeuwse beroemdheden als Marilyn Monroe, Grace Jones. Elvis Presley, Judy Garland, Elizabeth Taylor en Koningin Beatrix. Andy Warhol werd als Andrew Warhola geboren in Pittsburgh. Zijn vader was Ondrej (Andrew) Warhola, Roetheense immigrant uit het huidige Slowakije. Ondrej (wiens familienaam oorspronkelijk als Varhola werd geschreven, veranderde de schrijfwijze naar Warhola toen hij naar de VS emigreerde. Andy toonde reeds vroeg artistiek talent en ging toegepaste kunst studeren in Pittsburgh. Daar viel hij op door het tekenen van twee zelfportretten waarop hij in zijn neus aan het peuteren was. In 1949 verhuisde Warhol naar New York, waar hij een bescheiden carrière opbouwde in de reclame- en tijdschriftenwereld. In de jaren zestig startte Warhol met het schilderen van beroemde Amerikaanse producten als Campbell's-soepblikken en Coca-Cola-flessen. Hij wist de invloedrijke galeriehouder en kunstverzamelaar Leo Castelli te interesseren voor zijn werk. Hij ging de zeefdruktechniek gebruiken, om niet louter kunst te maken met alledaagse commerciële massaproducten als motief, maar om zelfs zijn eigen kunst als massaproduct te creëren. Warhol wilde het liefst een emotieloze machine worden. Hij stelde zich op als chef van een team van kunstarbeiders die zich bezig hielden met het maken van zeefdrukken, films, boeken en tijdschriften. De studio werd the Factory genoemd omdat er werkelijk een productielijn van schilderijen in gehuisvest was, en groeide uit tot een ontmoetingsplaats voor artiesten, homo's, travestieten, junks en fotomodellen. Iedereen met enige artistieke pretentie was er welkom. Op 3 juni 1968 kwam Valerie Solanas in de studio opdagen en schoot Warhol en Mario Amaya neer. Solanas was eerder op die dag afgewezen in de Factory nadat ze een script had teruggevraagd dat ze aan Warhol ter inzage gegeven had. Warhol overleed op 22 februari 1987 om 6.32 uur op 58-jarige leeftijd in New York City aan de gevolgen van een hartstilstand. Warhol werd begraven in Pittsburgh. Yoko Ono was een van de mensen die een afscheidsrede uitsprak op zijn begrafenis.